DROMEN

Islands in Heaven - Acryl - 75cm x 115cm

Een eiland in de hemel — of misschien een hemel die in zee weerspiegeld ligt.
In dit schilderij ontmoeten water en lucht elkaar, en vormen samen een landschap dat niet aards lijkt, maar ook niet los van de aarde is.

De vormen ademen, bewegen, ontstaan.
Ze herinneren aan eilanden van rust in een onbegrensd bewustzijn.
Tussen blauw en groen ontvouwt zich een stilte die leeft.

Een ode aan het samenvallen van hemel en aarde — waar vorm oplost in licht.

 

Vanaf hier begint een nieuwe reis.
De dromen in deze rubriek behoren niet meer tot de intense herstelfase na mijn CVA van 22 januari 2025 — die periode heb ik vastgelegd in mijn blog.
Wat je hier leest, zijn dromen die verschijnen ná die eerste verwarring, ná de lichamelijke en mentale instabiliteit.
Een andere fase. Een ander bewustzijn.
Ze markeren een vervolg — een reis van verdieping, inzicht, beweging.
Niet ter verklaring. Maar om te bewaren wat zich toont.

______________

________

-----

 

DE NACHT VAN HET COMPROMIS

1 januari 2026

Ik droom dat we een vredig volk zijn. Geen strijd, geen wapens. Een gemeenschap waar harmonie vanzelfsprekend voelt. Maar dan verschijnt er een afgevaardigde van een ander volk. Hij vertelt dat het land waarop wij leven, ooit van hen was. Zij hebben een oude traditie: één avond per jaar keren ze terug naar deze plek om te feesten.

Tot zover klinkt het als een onschuldige wens.

Maar dan zegt hij iets vreemds. Iets dwingends. In hun traditie is het toegestaan — zelfs verplicht — om iemand met een moedervlek te doden. Direct. Zonder vragen.

Er ontstaat onrust. Wat doen we hiermee?
Als leider — of op z’n minst iemand met gezag in de droom — voel ik dat ik dit vraagstuk mag begeleiden. Alsof ik niet alleen onderdeel ben van dit volk, maar ook erboven zweef, als een stille waarnemer.

Na overleg besluiten we:
We gaan akkoord. Voor één nacht per jaar zullen we ons allemaal bedekken. Geen huid zichtbaar. Geen gezicht herkenbaar.
Op die manier kunnen zij hun feest houden zonder dat er doden vallen.
In plaats van een dreiging maken wij er een nationale meditatienacht van.
Eén avond per jaar trekken we ons allemaal terug in stilte.

Zo blijft iedereen leven. En de volgende ochtend is het volk weer verdwenen.

Als ik wakker word, blijft de droom hangen als een vreemd mengsel van vrede en ongemak. Ik voel hoe het compromis werkt. Niemand sterft. Maar tegen welke prijs?

En dan komt langzaam de herkenning:
In deze droom spreek ik iets uit dat ik in het dagelijks leven zelden hardop zeg.
Dat ik vaak de essentie zie, de motieven achter woorden, de psychologische spelletjes — maar dat ik die niet mág benoemen. Niet zonder conflicten te veroorzaken.
Dus bedek ik mezelf. Houd ik me in.
Ik pas me aan.

En ik vraag me af:

– Wat gebeurt er in een samenleving als waarheid ondergeschikt raakt aan beleefdheid?
– Welke prijs betalen we voor sociale harmonie als deze rust wordt gekocht met zelfverloochening?
– Wanneer voel ik dat ik mijn gezicht moet verbergen om 'veilig' te blijven?
– En wat doet dat met mij, op de lange termijn?

De droom stelt geen oordeel. Hij toont een mechanisme.
En misschien is dat al genoeg.

Niet om morgen de wereld te veranderen,
maar om te zien waar ik mijn gezicht onzichtbaar maak —
en of ik dat nog wil.

Een zachte nacht, een stille vraag.
Wat bedek jij om het feest niet te verstoren?